KADELINK

Voor studie- en loopbaanadvies:

Talentgericht onderwijs

“Ik ben zo dankbaar dat ik kan leven van mijn talent.” Buffi Duberman (45) vindt dat ze de mooiste job van de wereld heeft: ze coacht Nederlandse artiesten in hun Engelse uitspraak. Vaste ingrediënten tijdens haar coachingslessen: lachen en genieten. “Als je niet geniet, voelt leren als een straf. En als je niet lacht, hoe kun je dan leren?”
(Bron: www.vriendin.nl)

Ook danser Laurie Mcsherry-gray is blij dat hij zijn talenten kan uitleven: “Ik ben gewoon op mijn twaalfde op balletles gestuurd, samen met mijn tweelingbroer Joshua. Wij tussen dertig meisjes, best gênant in het begin. Maar we vertrouwden blindelings op onze ouders en gelukkig maar, want anders had ik nooit dit leven geleid. Mijn moeder was kunstenares en voelde goed aan dat het voor mijn broer en mij belangrijk was om iets fysieks en creatiefs te doen, ver weg van school. Die frustreerde ons alleen maar, want we hebben allebei dyslexie en behaalden allesbehalve goede resultaten. Toen onze ouders beslisten om ons vanaf twaalf jaar thuis te onderwijzen, was dat het beste wat ons kon overkomen. Ik begon met toneel-, drum- en danslessen en voelde me weer goed in mijn vel. In ballet kon ik al mijn energie kwijt én ik bereikte er nog iets mee ook. Geluk en hard werken deden de rest.” (Bron: life/style-gids De Standaard 25-01-2014).

Echt je sterke talenten kunnen uitleven: slechts een droom of kan die droom voor velen ook werkelijkheid worden? “Er moet eerst iets veranderen aan ons onderwijssysteem? We kunnen toch niet iedereen huisonderwijs laten volgen,”  hoor ik u denken. Misschien moet er in de lagere school goed geobserveerd worden welke talenten kinderen hebben en moet er in het secundair onderwijs de mogelijkheid bestaan om leerlingen te laten kennismaken met de vele mogelijkheden die het beroepsleven biedt zodat hun studiekeuze uiteindelijk aansluit bij hun dromen en talenten. Het project roadies gaat daarover onder andere, maar ook op andere vlakken ontstaan hier en daar projecten die alleen maar talentondersteunend werken: go4talent.

Volgens ons is er nog meer werk aan de winkel en kan de learning environment in het secundair onderwijs ook anders georganiseerd worden, namelijk zodanig dat leerlingen veel vlugger aansluiting kunnen vinden bij hun sterke talenten en dus minder gedemotiveerd op de schoolbanken zitten. Iedereen die de essentie van dit videofilmpje (Sir Ken Robinson over Changing Education Paradigms) begrijpt, voelt wellicht aan dat ons onderwijssysteem nog tekort schiet.

Pascal Smet zegt in het tijdschrift Knack van 11 december 2013: “Het klopt dat we het keuzemoment uitstellen, maar dat doen we alleen om de kinderen de juiste keuze te laten maken en ze hun talenten te laten ontdekken. Je kunt toch niet aan kinderen van twaalf jaar vragen om een keuze te maken die de rest van hun leven zal bepalen.” Inderdaad, het is wel belangrijk om een goede keuze te maken, maar de vraag is of een brede eerste graad goed is voor de meerderheid van onze jongeren. Wat dan met de leerlingen die al weten dat ze willen specialiseren? Wat met alle leerlingen die verplicht ‘breed’ MOETEN gaan in ons onderwijs, maar daardoor hun motivatie juist verliezen?

Wellicht moet een advies van de klassenraad op het einde van het laatste jaar secundair onderwijs meer richting geven aan studenten in spe. Natuurlijk is zo’n advies geen nattevingerwerk, maar is het advies gebaseerd op wat leerkrachten in de klas hebben ervaren met jongeren. Dat is heel wat, maar ook hier is nog werk aan de winkel. De visie die leerkrachten van jongeren krijgen is zeker geen totaalvisie. Wie is die jongen of dat meisje thuis? Welke hobby’s en talenten, passies en centrale drijfveren zijn bij hem of haar in de kern aanwezig? Kunnen leerkrachten dat achterhalen door met hen klassikale activiteiten op te zetten? Leerkrachten weten veel en zien veel schools gerelateerd talent, maar op dit ogenblik is er een groot gemis aan het totaliteitsplaatje en bovendien is er weinig alternatief voor leerlingen die meer willen doen op school, meer willen bewegen, team play willen uitleven of creatief bezig willen zijn. Weinig modules te kiezen, veel te veel voorgekauwde koek die ze doodbraaf moeten ‘inslikken’, slotconclusies in je geheugen stampen zonder dat een deductieproces op gang gebracht wordt. Je zou het voor minder ‘saai’ beginnen vinden op school.

Universiteiten en Hoge scholen roepen: “Studenten in spe hebben geen benul van welke capaciteiten gevraagd zijn voor een bepaalde studie.”  Worden ze daar op gewezen in het secundair onderwijs? Laten leerkrachten hen de grote pakketten leerstof zien? Ja, wellicht in het zesde jaar secundair onderwijs, wat veel te laat is naar onze mening. Worden ze voorbereid op de complexiteit van organiseren, plannen, structureren en het hebben van doorzettingsvermogen? Onvoldoende volgens ons. Er is meer: juist door in de lagere school talenten te observeren en er activiteiten rond te plannen en in het secundair te werken met de kerntalentenmethodiek, gecombineerd met een aangepast onderwijssysteem dat eerder modulair werkt en meer keuzevrijheid biedt, weten studenten in spe (en hun ouders) veel beter wie ze zijn (aard), welke talenten ze kunnen ontwikkelen en waar ze plezier aan beleven. Door daar vroeg met kinderen en jongeren aan te werken, kunnen jongeren uitgroeien tot gedreven zelfzekere en trotse jongvolwassenen die ten volle kunnen gaan voor het uitleven van hun talenten en passies. Dit zal de kans op burn-out , energielekken en depressie doen afnemen, omdat ze weten wie ze zijn en waar ze voor staan.

Wil je de talenten van jouw zoon of dochter leren kennen? Neem contact op met erkend KernTalentanalist Ilse Hendrickx van Kadelink: info@kadelink.be of +32 486 99 31 73. De methodiek en de rapporten die Ilse Hendrickx hanteert, zijn onder andere gebaseerd op de KernTalentenmethodiek zoals die uitgevonden en beschreven is door Danielle Krekels.