Het verhaal van de zakenman die op vakantie een visser tegenkwam
Er is een oud verhaal dat ik telkens opnieuw tegenkom. Het raakt me elke keer weer. John Strelecky vertelt het in zijn boek 'Het waarom ben je hier café'. Ik vertel het hier op mijn manier.
Een zakenman neemt eindelijk vakantie en belandt in een klein kustdorp, ver van alles. Hij slentert rond, kijkt naar de mensen en één man valt hem op: een visser die zo tevreden lijkt dat de zakenman er niet omheen kan. Hij spreekt hem aan en vraagt hoe zijn dagen eruitzien. De visser vertelt dat hij ontbijt met zijn gezin, een paar uur gaat vissen, thuiskomt met genoeg voor het avondeten, een middagdutje doet en ’s avonds met zijn vrouw langs het strand wandelt terwijl de kinderen in zee spelen.
De zakenman ziet meteen kansen. Als de visser de hele dag zou vissen, zou hij de vangst kunnen verkopen, een tweede boot kopen, dan een derde, personeel aannemen, een bedrijf uitbouwen in de stad. Binnen tien jaar zou hij rijk zijn. En dan? Dan zou hij kunnen stoppen met werken en doen wat hij wil.
De visser glimlacht en vraagt wat hij dan zou doen. Rustig ontbijten met zijn gezin, misschien? Een beetje vissen, omdat hij dat graag doet? ’s Avonds met zijn vrouw naar de zonsondergang kijken? De zakenman knikt wat geïrriteerd en voegt eraan toe dat de kinderen tegen die tijd wellicht al het huis uit zijn. De visser schudt hem vriendelijk de hand en wenst hem veel succes met zijn vakantie.
Waarom dit verhaal me blijft raken
Wat me in dit verhaal telkens weer treft, is dat de zakenman het niet kwaad bedoelt. Hij ziet het helder, vanuit zijn eigen blauwdruk: meer is beter, groei is goed en rust verdien je pas achteraf. Alleen vergeet hij te vragen of de visser dat ook zo ziet. Het is ongevraagd advies in zijn zuiverste vorm,... De visser laat het vriendelijk van zich afglijden, omdat hij al weet wat voor hem klopt.
We leren al van jongs af dat we moeten doorzetten, hogerop moeten, ons moeten bewijzen. Zo’n plan als dat van de zakenman klinkt dan logisch, bijna verantwoordelijk. Maar hoeveel mensen hollen jarenlang achter een doel aan om uiteindelijk uit te komen bij wat ze eigenlijk al hadden? En hoeveel van hen merken onderweg niet dat ze moe worden, omdat ze tegen hun eigen natuur in leven?
De visser hoeft niets te bewijzen. Hij weet wat hem energie geeft, hij kent zijn ritme en leeft ernaar. Dat is geen gebrek aan ambitie; het is weten wie je bent en daarop vertrouwen.
Ik denk dat ik vroeger meer de zakenman was. Ondertussen heb ik geleerd om meer de visser te zijn, al betrap ik me er nog steeds op dat oude conditioneringen rond bewijsdrang de kop opsteken.
Misschien is dat de vraag die dit verhaal ons stelt: wat stel jij uit tot “later”, terwijl het vandaag al binnen handbereik ligt?
Ilse Hendrickx
15 juni 2024

